Slapen in de Zwitserse Alpen!

Bonna is kwijt… Hoe gaan we dit oplossen? (denk je nu: waar gaat dit over?! Lees dan: ) Er schieten allerlei scenario’s door mijn hoofd. Het voelt een beetje stom om een halve dag heen en weer te rijden voor een beertje dat je ook voor iets meer dan tien euro nieuw kunt kopen. Toch is dat de enige juiste keuze. Aimée moet Bonna terug hebben!

Zodra het kan, bel ik het restaurant bij de speeltuin waar Bonna waarschijnlijk ligt. Na wat Sherlock Holmes-werk weten we dat bijna zeker. Gelukkig spreekt de manager Engels en kan ik goed uitleggen wat we kwijt zijn. Hij geeft aan dat het druk is met de voorbereidingen voor de dag, maar dat hij het komende uur kan zoeken. Ik moet een uurtje later terugbellen.

Dat doe ik en… Bonna is gevonden! Daar gaan we!

We spreken af dat Bonna met de skilift naar beneden wordt gebracht. Dat scheelt, want anders zouden we eerst kaartjes moeten kopen om heen en weer te gaan met de skilift. Ik parkeer Willy op de parkeerplaats en Lisette en Aimée gaan haar ophalen. De glimlach op Aimées gezicht spreekt boekdelen. Wel heeft iemand Bonna bij de barbecueplek in de speeltuin gelegd. Ze ruikt niet bepaald fris en haar pootjes zijn wat zwart geblakerd. Maar hé, ze is terug!

Bonna is terug!

Met de trein?

We rijden anderhalf uur terug om daarna onze reis naar het zuiden van Zwitserland te vervolgen. Plotseling staan we voor een slagboom. We begrijpen er weinig van en denken dat het een tolpoort is. Er zit niemand achter de kassa en ik kan niet verder.

Dan verschijnt er een vrouw. Ik probeer snel te achterhalen wat we moeten betalen en waarom. Ze zegt alleen dat het goed is en dat ik nummer 35 moet hebben. Geen idee wat ze bedoelt, maar ik betaal braaf en rijd door.

Wanneer ik de vertrektijden zie, begint het me te dagen: we gaan met de trein door de bergen! We worden apart gezet, omdat de eerstvolgende trein te klein blijkt voor onze camper.

Na twintig minuten komt er een net iets hogere trein en mogen we vertrekken. De trein is maar net iets breder en hoger dan Willy. Het is behoorlijk krap, maar voorzichtig rijd ik de camper naar voren totdat we stilstaan.

Onderweg maken we grappige filmpjes van Lieve, die vrolijk aan het stuur zit, en sturen die naar de familie. Opa Wim vermoedt dat er AI in het spel is, maar het is een 60 jaar oude trein die de grap uithaalt. 

Camping Molignon

Na een aantal steile wegen omhoog belanden we midden in het Alpenlandschap op camping Molignon. Het uitzicht op de bergtoppen is indrukwekkend en het weer is heerlijk. We besluiten een paar nachten te blijven. Tijd om de blog bij te werken en Willy weer een beetje op orde te brengen.

De volgende dag hebben Lisette en Lieve zin om te wandelen. Ze zijn een paar uur op pad en maken een mooie tocht rond de camping. Ik speel met Aimée spelletjes, geniet van de zon en zit druk te typeren, zoals Aimée het noemt. Daarnaast werk ik de laatste weken aan een nieuwe website voor het bedrijf van mijn nicht. Die avond laat ik zien wat ik gemaakt heb en gelukkig valt het in de smaak (dan kunnen we de reis weer een beetje betalen ;)).

Na hun wandeling komen Lisette en Lieve met een idee: hoe leuk zou het zijn om een paar dagen met z’n allen in de bergen te wandelen en in een berghut te overnachten? Aimée en ik zijn enthousiast. We gaan op zoek naar een geschikte route.

Ik bel met een berghut en spreek met iemand die uiteindelijk Diana blijkt te heten. Ik vraag of we er kunnen slapen, wat het kost en of de tocht geschikt is voor kinderen. Ik krijg korte, maar duidelijke antwoorden. We besluiten de volgende dag op pad te gaan.

Cabane de La Tza

Vanaf de camping is het nog ongeveer 45 minuten rijden naar Arolla. Daar parkeren we Willy voor onze tweedaagse wandeltocht. We pakken een tas in met wat spullen voor de overnachting en gaan op weg.

Lieve heeft mijn fiets GPS en wijst ons de route. Dat vindt ze geweldig. In het begin dalen we wat af en is het pad lastig te vinden, maar al snel komen we op een route die flink omhoog loopt. De meiden zijn enthousiast en vliegen de berg op. Lisette heeft meer moeite om hun tempo bij te houden, dus we lassen af en toe een pauze in. Hoe hoger we komen, hoe spectaculairder het uitzicht wordt. Op een gegeven moment groeien er geen bomen meer.

Na ruim drie uur wandelen zien we een Zwitserse vlag wapperen. Op een platform staan twee mensen. We zijn er bijna! We hebben zin om de hut te bekijken en van het uitzicht te genieten.

Bij aankomst worden we begroet door Diana. De hut ligt prachtig en vanaf het platform heb je een geweldig uitzicht. Ik vraag hoeveel mensen er die nacht zullen slapen. Diana vertelt dat we de enige gasten zijn. Ik ben verbaasd, want ik zag toch net 2 personen staan? Dat bleken Diana en een jongen die haar een week helpt als een soort stage te zijn.

We bestellen een biertje en wat te drinken voor de kinderen en gaan in de zon zitten.

Op een gegeven moment moet Aimée naar het toilet. We vragen Diana waar het toilet is. Ze legt het uit en raadt ons aan even mee te lopen, want het is een ‘special toilet’. Lisette gaat met Aimée mee, maar eenmaal terug vertelt ze dat ze het toilet eerst helemaal niet konden vinden. Na even zoeken ontdekken ze een houten huisje aan de rand van de afgrond. De special feature? Een gat boven een diepe afgrond, waar alles vrolijk naar beneden valt. 🙂

Diana is ondertussen druk in de keuken. Rond half zeven worden we naar binnen geroepen om te eten. We schuiven aan bij twee andere bergbeklimmers, die die ochtend al om zes uur waren vertrokken voor hun tocht door de bergen. Met helmen en touwen hebben zij een net iets spannendere route afgelegd dan wij.

Vooraf krijgen we bietensoep en als hoofdgerecht staat er polenta op tafel. Het smaakt goed en de kinderen eten vrolijk mee. Na het toetje vertrekken de bergbeklimmers in het donker naar beneden en gaan wij lekker slapen. We slapen met z’n vieren op een grote slaapzaal met plek voor zo’n twintig mensen. Gelukkig liggen we er maar met zijn vieren. We liggen naast elkaar en het is heel knus en gezellig.

Na een prima nacht schuiven we aan voor het ontbijt: overnight oats en broodjes. We eten, drinken en besluiten daarna weer op pad te gaan. We willen namelijk na de wandeling nog een behoorlijk stuk rijden om Frankrijk te halen.

De terugtocht verloopt iets minder gezellig dan de heenweg. De kinderen zijn minder gemotiveerd en er komen wat snoepjes aan te pas om de stemming erin te houden. Na een paar uur wandelen zien we Willy weer staan. Na ruim twee maanden voelt hij inmiddels echt als ons huisje. Tevreden stappen we in en vervolgen we onze reis.

Mont Blanc

We slingeren met Willy de berg weer af. In de Zwitserse Alpen moeten we regelmatig enorme omwegen maken om ergens te komen. Onderweg zien we schitterende besneeuwde bergen. We stoppen even en ik vermoed dat het de Mont Blanc is. Google Maps bevestigt mijn vermoeden.

We doen flink boodschappen, want het plan is om weer een aantal dagen op een camping te blijven. Boodschappen doen in het buitenland kan verrassend veel tijd kosten! Onze lijst is behoorlijk lang en de hyper marchés zijn gigantisch. Je hebt werkelijk geen idee waar iets staat.

Gewapend met twee winkelwagens en een tactisch plan waar de bondscoach jaloers op zou zijn, splitsen we ons op om zo snel mogelijk alles te verzamelen. Toch staan we pas na een uur buiten. Daarna rijden we richting Bozel, waar de camping ligt.

Het is al na zessen wanneer we aankomen. Onderweg hebben we afgesproken om ergens te gaan eten, maar als we eindelijk klaar zijn, is het al half acht. Bovendien blijkt het restaurant nog een halfuur lopen..

We vertrekken alsnog, maar na wat geruzie over het feit dat het op deze manier toch niet leuk wordt, keren we terug naar Willy. Er heerst irritatie en frustratie. Gelukkig is het na een nachtje slapen allemaal weer gezakt.

Huttopia camping

De dagen erna staan we op een bijna lege camping. Het leukste is dat het zwembad nog open is! Op heel wat andere campings was het zwembad al dicht, tot grote teleurstelling van de meiden. Hier kunnen we dus nog lekker zwemmen.

Lisette duikt met de kinderen het water in. Ik besluit dat het tijd is om mijn spieren weer eens aan het werk te zetten en ga fietsen. Op Komoot vind ik een mountainbike route richting de Mont Jovet, die praktisch bij de camping begint.

Het plan is om naar de top te fietsen, op 2.600 meter hoogte. Dat betekent één lange klim van 1.500 meter. Het is steil, maar een gravelpad leidt me rustig omhoog. Onderweg zie ik tientallen grote marmotten wegrennen, een vreemd gezicht. Na ongeveer anderhalf uur klimmen met een gemiddeld stijgingspercentage van tien procent houdt de weg op. Vanaf daar zijn er alleen nog wandelpaden, die belachelijk steil omhoog lopen.

Fietsen is onmogelijk en zelfs wandelen met mijn fiets is een flinke uitdaging. Maar ik wil die top halen, dus sleep ik mijn fiets de laatste paar honderd meter omhoog.

Eenmaal boven is het uitzicht spectaculair! Op de achtergrond ligt de Mont Blanc en overal om me heen zie ik besneeuwde bergtoppen. Het begint al laat te worden, dus ik besluit weer af te dalen.

Ik zet mijn zadel helemaal naar beneden en ga met beide benen aan de grond naar beneden. De afdaling is spannend: grote rotsblokken, afgronden en mega stijl naar beneden. Een paar keer hoor ik mijn innerlijke stem zeggen dat dit echt heel onverstandig is, maar ik ga door.

Wanneer ik het gravelpad weer bereik, besef ik dat ik genoeg geluk heb gehad. De oorspronkelijke route loopt via allerlei wandelpaden verder naar beneden, maar ik besluit dat het tijd is om gewoon via het gravelpad af te dalen. Dat doe ik, en eindelijk kan ik genieten van de snelheid. Al blijft het door het gravel goed opletten!

Die avond doen we de vorige avond over, maar dan beter. We gaan uit eten en besluiten op de fiets naar Bozel te gaan. Zoals zo vaak belanden we bij een pizzeria. De bediening is super vriendelijk en het eten heerlijk. We hebben een topavond en lachen om hoe deze avond gisteren had geweest. Bovendien blijkt Bozel een heel gezellig stadje te zijn.

De volgende dag doen we rustig aan op de camping. De kinderen maken modderballen en met de restjes stof van de camper bekleding en gordijnen maken we een vlaggetjesslinger. Ook duik ik met de meiden het zwembad in. Het is een beetje fris, maar dat mag de pret niet drukken.

Alpe d’Huez

We staan niet ver van Alpe d’Huez, de beroemde Nederlandse berg. Ik ben geen enorme Tour de France-fan, maar zelfs ik weet dat Nederlandse wielerliefhebbers hier helemaal uit hun bol gaan. Deze berg kan ik natuurlijk niet zomaar voorbij laten gaan. Een mooie gelegenheid om hem zelf eens op te fietsen!

We komen aan op de camping aan de voet van Alpe d’Huez. De camping is nog twee dagen open en ook hier is er een zwembad dat open is. We merken dat campings in Frankrijk zo goedkoop zijn dat we eigenlijk iedere nacht op een camping verblijven.

De volgende dag mag ik weer op de fiets. Ik ga de iconische Tour de France-berg op. Het voordeel is dat er een fijne asfaltweg omhoog loopt. Tijdens de klim houd ik bij hoe vaak ik een wielrenner inhaal en hoe vaak ik zelf word ingehaald. Jawel, mijn competitieve karakter komt toch een beetje naar boven. Ik eindig met een score van 10-3 in mijn voordeel.

Na Alpe d’Huez loopt mijn route over de Col de Sarenne. Gelukkig heb ik al flink wat hoogtemeters gemaakt, dus hoef ik voor deze col niet meer zo ver te klimmen. Het uitzicht is opnieuw geweldig. Onderweg kom ik nog honderden schapen op de weg tegen, begeleid door wel zes honden.

Daarna mag ik in volle vaart de andere kant van de col afdalen. Ik zie onderweg heel wat wielrenners ploeteren. Na nog een klimmetje kom ik voldaan (en leeg) weer aan op de camping.

Na het fietsen duik ik met de meiden het zwembad in. Rondom het bad zitten ook wat senioren. We spelen wat en ik zie dat sommigen daar niet helemaal blij mee zijn. Ja sorry, denk ik, het zijn kinderen!

Een vrouw roept naar Lieve en Aimée: ‘Dames, kan het wat stiller?’ Dat maakt indruk op de meiden. De zon begint achter de bergen te verdwijnen, dus ik besluit dat het mooi geweest is. We drogen ons af en kleden ons aan.

Gorges du Verdon

We zijn inmiddels ook in de buurt van de Gorges du Verdon. Lisette en ik zijn hier eerder geweest en hebben er spectaculaire herinneringen aan. We willen de kloof graag aan de kinderen laten zien en zoeken daarom een camping in de buurt.

Onderweg zien we de iconische brug bij de ingang van de kloof liggen. Toch maakt het deze keer minder indruk dan tijdens ons eerste bezoek. De kinderen zijn bovendien helemaal in hun luisterboeken verdiept, dus ook zij staan niet bepaald te stuiteren.

De volgende dag rijden we met Willy naar het strand vlak bij de ingang van de kloof. Het waait echter zo hard dat we nauwelijks ontspannen op de stenen kunnen zitten. Het zand waait voortdurend op.

Ik haal de sup van het dak, maar de wind blaast ons de hele tijd één kant op. Ik zwem nog een stuk met Lieve, maar al snel zijn we er klaar mee. We rijden terug naar de camping.

Daar ontmoeten de meiden Maya, een klein en stoer Oostenrijks meisje. Vooral Aimée en Maya spelen die avond veel samen. We concluderen die avond dat de Gorges du Verdon deze keer niet dezelfde indruk maakt als eerder. Soms is het gewoon anders wanneer je ergens terugkomt. We besluiten: het is tijd voor Italië!

Reacties

Er zijn nog geen reacties.

Schrijf een reactie

Volg ons

Wil je af en toe een update van onze reis ontvangen?
Laat je naam en e-mailadres hieronder achter, zodat we je een berichtje kunnen sturen.